De
meest complexe, allesomvattende vorm van geometrie begint bij
een vast patroon dat bekendstaat als de ‘
Flower
of Life’. Dit patroon is al 6000 jaar oud, waarbij negentien
overlappende cirkels en gelijkzijdige driehoeken door elkaar verweven
zijn en tezamen een perfect geometrisch model vormen. Deze afbeelding
werd in Egypte ‘
Merkaba’ genoemd,
waarbij Mer staat voor licht- of energieveld, Ka voor ziel en
Ba voor lichaam. Deze Merkaba symboliseerde het energieveld dat
zich rond het menselijk lichaam bevindt. Door de eeuwen heen hebben
filosofen, kunstenaars en architecten de Flower of Life altijd
gezien als een symbool voor perfectie en harmonie. Het staat bekend
als het ultieme symbool van Heilige Geometrie waarin de fundamentele
vormen van ruimte en tijd liggen opgeslagen.
Ontleend aan dit patroon is de Tree
of Life, een langwerpig geometrisch model dat al eeuwen
wordt gebruikt door verschillende religies, waaronder Kabbalah.
Ook de Davidster is ontleend aan dit patroon. In de basis van
de Flower of Life bevindt zich nog een ander model, dat bekend
staat als de Fruit of Life.
Dit symbool is opgebouwd uit dertien cirkels en vormt de basis
van de kubus van Metatron. Deze staat ook wel bekend als de
blauwdruk van het universum, omdat het de basis vormt
voor het ontwerp van elk atoom, elke moleculaire structuur,
elke levensvorm en alles wat bestaat.
In de kubus van Metatron bevinden
zich de vijf Platonische lichamen. Dit zijn de enige mogelijke
geheel regelmatige veelvlakken, zoals de kubus
met zes zijden; de tetraëder
met vier zijden; de octaëder
met acht zijden; de dodecaëder
met twaalf zijden en tenslotte de
icosaëder met twintig zijden. Ruim 2500 jaar geleden
wist Pythagoras al van het bestaan van drie van deze vormen.
Plato benoemde alle vijf als ‘kosmische
bouwstenen van de wereld’ en relateerde ze aan de vijf
elementen: aarde, water, vuur, lucht
en ‘hemelmaterie’ of ether.